Door het zachte weer in november en december bloeit de hazelaar een maand eerder dan normaal. De hazelaar is in Nederland de vroegst bloeiende boom die meestal bloeit rond half januari. Het is een belangrijke stuifmeelbron voor bijen. Omstreeks half januari begint de koningin in een bijenvolk met het leggen van de eerste eitjes. Voor het broed is stuifmeel van de hazelaar onontbeerlijk.
Vlak voor de kortste dag liep de temperatuur overdag op naar 12oC. Grotere bijenvolken vlogen alsof de lente was begonnen. Verschillende volken hadden stuifmeel grijs-bruin, afkomstig van de hazelaar. Dat betekent dat in de grotere bijenvolken al een beginnend broednest aanwezig is. In het hart van het bijenvolk is de temperatuur in het broednest 35oC.
De energie halen de bijen uit hun wintervoorraad honing. De warmte produceren ze door hun vleugelspieren aan te spannen. Hopelijk zijn de volken sterk genoeg om de 35oC temperatuur in het broednest op niveau te houden. Bij een lagere koude periode wordt het spannend. In het ergste geval sterft het broed door te lage temperatuur en moet het volk later opnieuw beginnen. Meestal bevatten de bijenvolken van half december tot half januari geen broed. De temperatuur in het volk daalt dan naar 15oC.
Als de buitentemperatuur de komende wintermaanden stijgt boven de 12oC gaan de bijen overdag op zoek naar stuifmeel en water en gebruiken de gelegenheid om hun ontlasting kwijt te raken. Dit noemen we reinigingsvluchten. De bijen laten dan overal kleine bruine poepvlekjes achter.
Soms leidt dit tot conflicten als de was van de buren wordt vervuild met kleine bruine vlekjes. Ook glastuinders zijn niet blij met de vervuiling door de reingingsvluchten van in de buurt staande bijenkasten. Gelukkig weer niet iedereen dat de bruine vlekjes van bijenvolken afkomstig zijn.